Een artikel, overgenomen uit het tijdschrift "Ons
Dorp". Deze artikels
worden gepubliceerd met het akkoord
van de nabestaanden van Dhr. Jerome Vercammen.
Rond 1830 was het
uitzicht van Hamme-Zogge niet zoals nu. Het was meer
een echte wildernis. Geen enkele verharde bestrating,
behalve de baan Waasmunster - Dendermonde, aangelegd
door de regering van Keizer Napoleon. Ze was eerder
een krijgsbaan waarlangs wel enkele hoeven stonden, en
huizen van begoede burgers.
Er was toen ook
midden Zogge een afspanning - herberg, waar de
vrachtvoerders en de postkoets hun paarden konden
afspannen, voederen en laten rusten. Ook de reizigers
konden er uitrusten. Die afspanning droeg de naam "In
de Zog" vermeld op een metalen uithangbord, waarop een
varken (zeug) - in de volksmond een zog genoemd - was
geschilderd. Volgens de overlevering is zo de naam
"Zogge" ontstaan. Het originele uithangbord met
jaartal 1831, hangt nog steeds op dezelfde plaats aan
het huis, Heirbaan 27,
van Jerome Vercammen, die dit goed verzorgt.
Alle andere wegen
waren van aarde zand en modder, waarlangs schamele
huisjes en hutten van werkmensen, en enkele hoeven van
begoede en minder begoede landbouwers stonden. De
kleine man kwam aan zijn schamele kost door werk bij
landbouwers, eigen akkerbouw, en wildstroperij. Er was
ook veel moeras, waarvan thans nog een gedeelte is
overgebleven, namelijk "De Moernen". Nog een
ongeschonden stukje natuur van het oude Zogge.
De plaats waar nu de
kerk staat en daarachter, was destijds een groot
eikenbos, met eikenbomen en struikgewas, essenbomen en
andere houtsoorten. De plaats achter de kerk, draagt
heden nog de naam "Den Bos" in de volksmond. De
Kerkstraat, thans "Zoggestraat" was een brede dubbele
aardeweg, tot op de plaats waar nu de Kerk staat, en
die daar uiteen liep in een enge aardeweg naar de
Meerstraat en één door het bos, waarlangs enkele
schamele hutten stonden. In de Kerkstraat was toen
reeds de gekende herberg "De Paal", waar een bakker
woonde. De naam "De Paal" was naar het werktuig van de
bakker waarmee hij het brood in de oven schoof en het
er uittrok, dat was een paal. Over deze herberg zal
later nog meer verteld worden.
Zo
ook was de "overloopakkers" eveneens een dicht beboste
plaats van eeuwenoude beuken en kastanjebossen,
waartussen ook een enge aardeweg liep, waarlangs
eveneens enkele hutten stonden van werkmensen. Er was
ook een herberg "De Pijprokers". Nu nog staat er een
oude lindeboom waaraan een kapelletje van Onze Lieve
Vrouw bevestigd is. Een legende zegt dat het
kapelletje bij een overstroming van de Durme daar is
aangespoeld en door vrome handen, aan de lindeboom is
bevestigd.
Ook de naam
"overloopakkers" is ontleend aan die overstroming. Ook
in de Meerstraat, Ekelbeke en Hooigat was dezelfde
toestand.
Later meer
daarover. ('t vervolgt)
door Jerome
Vercammen.