Een artikel, overgenomen uit het tijdschrift "Ons
Dorp". Deze artikels
worden gepubliceerd met het akkoord
van de nabestaanden van Dhr. Jerome Vercammen.
De Meerstraat is een
deel van Kerkelijk Zogge.
In het oude Zogge was de
Meerstraat wel het belangrijkste deel. Bij de bouw van
de kerk, welke klaar was in
1849, was er tussen Zogge en Meerstraat heel wat
betwisting om akkoord te komen, voor de plaats waar de
gemeenschappelijke kerk moest komen. Tenslotte was het
de plaats meer naar Zogge toe, dicht bij grote baan.
Heel wat mensen uit de Meerstraat waren daar nooit
akkoord mee.
Maar ze kwam er. En zo kwam te Zogge met de grote baan
en de kerk meer ontwikkeling.
Tot
na de oorlog 14-18 waren er 6 herbergen in de
Meerstraat: namelijk één in de rottenen, achter de
hoeve De Bruyne, laatst bewoond door Karel van Hecke
en Tuur Van Goethem. Midden in de Meerstraat hadden we
"Cairo" (later hierover meer), vroeger bewoond door
Petrus Waterschoot, en laatst door Baziel Achten. Dan
op de hoek "Boterhaard", hadden wij "De Kroon",
vroeger bewoond door François van Dender, en daar
tegenover de herberg en winkel van Puylaerts, laatst
bewoond door Louis Van Kaer. Dan hadden we op het hof
Waterschoot de herberg "In de smidse", toen was er op
die hoeve een hoefsmederij. De laatste smid was Leon
De Ridder. Dan was er nog een voor de smidse, bewoond
door René Aendenboom, die er velomaker was. Dan hadden
we nog een op de hoek om naar Hamme te gaan dat was
destijds herberg "Den Blauwenhoek" en winkel, bewoond
door Hypolliet Baert, later bewoond door Roger Tempels
- De Schepper, en thans bewoond door Georges Verlee,
die er heel wat verandering aanbracht, ook de winkel
is verdwenen. Deze laatste herberg is nu nog de enige
die overblijft van de zes in de Meerstraat. Verder op
Lippeveld hadden we dan nog de herberg "In Amerika"
(later meer daarover) en nog de herberg "Terras". Ook
deze beide zijn verdwenen. De Meerstraat was in
vroeger tijden een wijk van rijke boerenfamilies, die
zeer veel hebben bijgedragen tot het bouwen van onze
kerk.
Met de zes herbergen
werd er dan ook heel wat Zeels oud bier gedronken. De
heer Louis De Smet was de brouwer, en deze kwam dan
regelmatig met een rijtuig (de auto van toen) naar de
Meerstraat om zijn klanten - herbergiers te bezoeken.
De mannen kenden heel goed het rijtuig van mijnheer
Louis, en wanneer dit gesignaleerd was, ging het
nieuws door tot de in het veld werkende mannen, die
dan prompt hun werk lieten staan, en naar de herbergen
togen, waar mijnheer Louis dan wel enkele glazen
Zeelse ouden ten beste gaf.
Ook was er in de
Meerstraat een brouwerij en jeneverstokerij, namelijk
bij August Moens, op het hof thans bewoond door Albert
Vermorgen. Nog overblijfselen van deze brouwerij zijn
er te zien.
De heer Frans Moens
was missionaris in Amerika, en de heer Henri Moens,
zoon van August, was ingenieur in China. Op terugreis
uit China, was hij bij zijn neef Frans; de
missionaris, en tijdens een uitstap per auto
verongelukte hij. Wellicht een der eerste dodelijke
ongelukken inde autogeschiedenis. Zo zag de heer Henri
Moens zijn vaderland niet meer terug. Pol Moens, nog
een broer van August, was ook uitgeweken naar Amerika,
en toen hij terug naar België kwam, bracht hij uit
Amerika een twintigtal wilde paarden mee naar de
Meerstraat. Deze paarden waren een hele attractie voor
de buurt, en ja ze werden daar door de Meerstraatste
cowboys wel getemd, en tot bruikbare paarden, onder
leiding van Pol Moens omgetoverd. In die tijd waren er
veel paardenkoersen, en Pol wist met deze paarden
meerdere koersen te winnen.
In
de Meerstraat stond sinds ongeveer 1780 een klein
kapelletje, en dit op het hof der herberg Puylaert
daar waar nu weduwe Goeman woont. Dit kapelletje was
toegewijd aan Onze Lieve Vrouw. In de jaren 1892-93
werd er een nieuwe grotere kapel gebouwd, welke er nu
nog staat.
Het oude kapelletje werd afgebroken, en de stenen van
de afbraak werden gebruikt bij de bouw van de nieuwe
kapel.
Heel de Meerstraat hielp hierbij. In 1894 kwam.dan
deze nieuwe kapel klaar, en datzelfde jaar werd ze
door Z.E. de Bisschop ingewijd. Het spreekt vanzelf
dat er veel volk was.
Die dag was er ook
een lied.gewijd aan de kapel. Hieronder volgt nog een
strofe, ons overgemaakt door Mevrouw Jeanette De
Clercq, van de boterhaard, welke reeds de gezegende
ouderdom van 95 jaren heeft en ze is goed op weg om
100 jaar te worden maar nu de tekst:
De
klok zal bim bom spelen,
en roepen ons bijeen.
Dat zal ons nooit vervelen,
hier te bidden, ondereen.
Bij het sterven van ons vrienden, man of vrouw,
zal men hier elkaar vinden,
in de rouw.
De kapel. bevat een
altaar en een ruimte met bidstoelen voor een 20-taL
personen, en daar komt men samen om bij een sterfgeval
het rozenhoedje te bidden. Deze kapelhistorie werd ons
overgemaakt door de 95 jarige Jeanette, die ons ook
nog vertelde dat er een ijzeren hekje was dat het oude
kapelletje afsloot. Op dit hek was een koperen bol,
waarop een kindje Jezus met kruis gezeten was, en dit
kindje Jezus met bol, is waarschijnlijk aan de
bisschop aangeboden als gedenkenis. Ook zij heeft
destijds stenen gedragen van de oude kapel naar de
bouw van de nieuwe.
Zij sprak ons ook
over de vroomheid van de mensen van toen ook nog van
haar goede en godvruchtige moeder.
De grond waarop de
kapel staat is destijds geschonken door de heer Louis
De Bruyne, en de kapel is door al de ingezetenen van
de Meerstraat betaald.
Dat er in de
Meerstraat nog zuivere gezonde lucht is, bewijzen de
vele meer dan 90-jarigen die er geweest zijn. Stippen
wij aan: Pierre Van Haver en zijn echtgenote, Leonie
Peeters, beiden een einde in de negentig, Louis
Audenaert, Desiré Audenaert, Mevr. Emerance Van
Cleemput, en Johanna Sterck, Mevrouw Celestine Windey
was reeds 99 jaar en enkele maanden, en nog goed te
been. Reeds was men doende om haar 100ste jaar te
vieren, toen ze onverwacht overleed.
Nu hebben we nog Jeanette De Clercq. Wij hopen over 5
jaar haar 100ste jaar te mogen vieren. Ook zij hoopt
dat, maar ze voegt er aan toe, dat ze steeds bereid is
als de Heer haar roept.
Thans verdwijnt
stilaan de "oude" Meerstraat, door de vele nieuwe
huizen. Het wordt een schone wijk, waar het gezellig
en gezond is om wonen. Later meer over deze straat.
door Jerome
Vercammen.