Zogge - Heemkunde

Naar een boek samengesteld door Cyriel Vercammen:

ZOGGE van verleden tot heden
Home Zogge
Het boek Heden Retro Site map Gastenboek Gazet van Zogge  
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Heemkunde

Bakkerij "Den Bol" en andere.

Een artikel, overgenomen uit het tijdschrift "Ons Dorp". Deze artikels worden gepubliceerd met het akkoord van de nabestaanden van Dhr. Jerome Vercammen.

Toen er bij het beschrijven van de vlasbewerking sprake was van vlaslemen die gebruikt werden om de broodovens op te stoken, rees bij ons de gedachte om de bakkersfamilies van het oude Zogge te bespreken,

De oudste bakkerij is de deze van de familie De Rijcke, beter gekend als "den bollens". Waar deze bijnaam, die al naargelang verbogen werd tot "den bol", of gewoon "bol", vandaan komt is niet gekend. De naam is van generatie op generatie overgegaan. Vroeger woonde de familie De Rijcke in de Kerkstraat (thans Zoggestraat), wellicht reeds voor de kerk er in 1849 was. In de Kerkstraat was ook herberg "De Paal". Deze benaming wijst erop dat het daar vroeger een herberg èn bakkerij was. Want een "paal' is bakkersgereedschap. Het is een plat houten vlak, voorzien van een lange steel, dat gebruikt werd om de broden in de oven te schuiven, en ze er na het bakken uit te halen.

Volgens de overlevering van ouderen, woonde in deze herberg - bakkerij de familie De Rijcke. Bij het heengaan der ouders is waarschijnlijk "de paal" verkocht om uit onverdeeldheid te treden. De nieuwe eigenaar was Petrus Janssens, en zijn vrouw Rosalie Clapdorp. De bakkerij – herberg - hoeve werd nu slachterij – boerderij - herberg. De oude benaming bleef. Petrus Janssens, de "patter" genoemd, en zijn vrouw kregen 3 kinderen : een meisje dat jong stierf, en twee zoons Isedoor en Charles. In 1867 overleed hij. In 1868 hertrouwde Rosalie met Romaan of ''Maan" Vercammen. Zij kregen 3 zonen en 3 dochters. Maan Vercammen was mijn peter. Ik heb in mijn prille jeugd nog goed de oude hoeve "De Paal" gekend.

Intussen hadden de kinderen De Rijcke rond het geboortehuis, bij de kerk, een eigen bedrijf gesticht. Sixtus (sekt) De Rijcke en zij broer Pierre hadden elk een groot blokmakersbedrijf en herberg. Sixtus in nr 19, nu bewoond door Marcel De Clerq, en herberg onder de naam "Zaal Sportiva", en Pierre er tegenover, in wat nu herberg "t kaatsspel' is, uitgebaat door een afstammeling van de familie, Marcel De Rijcke.

Emiel De Rijcke, "den bol", huwde met de Brabantse Amelie Margon, bleef het bakkersbedrijf trouw, en vestigde zich in nr 20 waar nu de voedingsdiscount van Domien De Wilde (Mien van Dorkens) is, en baatte er een bakkerij met winkel uit. Z'n vrouw noemde men Amelie Den Bol, en slechts weinigen kenden haar ware naam. Het bakkersbedrijf was toen zeker niet zoals nu. In de vroege morgen was de bakker reeds uit de veren om met het zware werk te beginnen: de oven opstoken met hout, het brooddeeg kneden met de handen. Bij rogge- en bruinbrood werd het deeg met de voeten getrapt en niet gekneed met de hand. Naast de reeds beschreven "paal" hoorde bij het bakkersgerief nog een '"rotelkodde", dit was een lange ijzeren priem, een duim dik, vastgehecht aan een houten handgreep van 80 cm lang. Het geheel had een lengte van ongeveer 3 meter, naargelang de grootte van de oven. Deze rotelkodde diende om het brandende hout in de oven op te poken, en rond de oven te verspreiden (heuzelen noemde men dat).

Dan was er nog de "moelze", een grote en zware houten bak van 2 à 2,5 m lang en 60 à 70 cm breed, waarin het brooddeeg gekneed werd.
Er waren ook 'platinnen', ronde bakblikken waarin fantasiebrood gebakken werd Dit was zowat het bijzonderste gereedschap,

Ook was er veel werk met het bakken van broden met meel dat door de klanten was gebracht. Dit meel brengen noemde men "de kluts dragen", en was algemeen in de mode vroeger. De klutsen kwamen meestal van kleine en gelegenheidslandbouwers, die hun eigen graan lieten malen, en van hun eigen gewin brood lieten bakken. De "kluts" zelf was een klein lijnwaden meelzakje, met de naam van de eigenaar opgeborduurd of met verf opgetekend. Het was immers van groot belang dat elke klant het brood kreeg van het door hem gebracht meel. Het was voor de bakker niet gemakkelijk om daar orde in te houden, en meer dan eens was er tussen bakker en klant onenigheid over deze kwestie. Verder moest de bakker nog zorgen dat er brood aan huis besteld werd. Dit gebeurde toen met een bazats. Dat was een grote zak op de rug, en een andere over de schouder, die op de borst hing, de zak voor en achter waren met een riem die over de schouder hing verbonden. Ook werd gebruik gemaakt van een handkar (kar op 2 wielen met houten bak, en scharnierend deksel), en een hondenkar. Bij welstellende bakkers trof men wel eens een paardenspan, en ja, soms ook een span met een ezeltje, maar deze dieren waren niet geschikt voor dat soort werk. Daaromtrent deze kleine anekdote: Den bol had zich voor zijn broodronde een ezeltje aangeschaft. Dat viel niet erg mee, want de ezel was echt een koppige ezel. Na enige tijd kon het niet meer zijn, en de ezel werd geslacht. Den bol, trouw lid van het houten muziek, liet de ezel door zijn muziekbroeders feestelijk oppeuzelen. In "De paal" werd het dier verwerkt tot biefstukken en karbonaden. Het ezelsfeest ging door bij Maan Vercammen. Het ezelsvel werd naar de looierij gebracht, en verwerkt tot groskesvel, en op de grote trom gespannen. En zo kreeg het koppige dier nog lange jaren vele slagen op zijn vel.

Emiel den bol bakte naast brood ook nog allerhande koekjes en grote sinterklazen en nieuwjaarsmannen. Emiel lustte ook graag een borrel, die hij in 'de paal' ging halen. Maar van één kwamen er twee en drie, en zo gebeurde het dat de amandelkoekjes soms té goed gebakken waren. De kinderen van "de paal" vaarden er echter wel bij, want waar moesten de onverkoopbare koekjes anders naartoe ?
Zo bakte de bakker door, en hield de Zoggenaren in leven met het goede brood uit die tijd,:gebakken van in de wind gemalen bloem, en bewerkt met handen en voeten en daarna in een houtoven gebakken..

Bij Emiel kwamen 5 nieuwe "bollen" binnen gebold: Felix, Remy en Rachel, Sofie en Adel. Vader Emiel overleed vroegtijdig, in 1905. Moeder Amelie, met de opgroeiende kinderen en de bakkerij, moest er zich doorslaan. Maar als sterke Brabantse vrouw slaagde ze daar wel in. Het noodlot spaarde haar echter niet: Felix en Rachel overleden op zeer jeugdige leeftijd. Ondanks alles hield Amelie moedig het bakkersbedrijf overeind, met zoon Remy en zijn zusters.

Bij het brood uitvoeren erfde Remy de naam "Den Bol" van zijn vader De bakkerij vestigde zich dan aan de baan naar Ekelbeke, waar nu huis nr 50 is is, bewoond door mevrouw Gabrielle Goessens.

Zo gingen de jaren voorbij, en Remy huwde met Zoë De Vlieger, en bouwde aan de overkant van de Ekelbekestraat een nieuwe bakkerij met winkel. Door moed en werkzaamheid maakten zij goede vooruitgang. Amelie bleef zo lang ze kon met moed meehelpen. Zij overleed op 84-jarige leeftijd. Na 60 jaren in. Zogge te hebben geleefd, was ze als vergroeid met haar medemensen, maar ondanks haar dagelijkse, jarenlange omgang met de Zoggenaren, bleef zij steeds het Brabantse dialect trouw.

Naast het brood voor Zogge, was er dan ook nog een grote bakkersronde voor Hamme, en jarenlang heeft Remy de Hamse wuitens van hun dagelijkse brood voorzien. Gans Hamme kende "den bol",. en slechts weinigen kenden zijn ware naam. Den Bol was in gans Hamme gekend om zijn goede brood en joviale omgang.

In de bakkerij van Remy bolden zeven "bollen" binnen: 4 jongens: Theofiel, Michel, Georges en Hugo, en drie meisjes: Rachel, Ida en Eliane. Allen werkten mee aan de bakkerij,, welke tevens een goede kruideniers- en voedingswinkel was. Remy bleef doorbakken met de houtoven, en gans Hamme en Zogge prezen de kwaliteit van zijn brood,

Maar ook in de bakkerij kwam de techniek, en de houtovens werden vervangen door moderne ovens met kolen, mazout of elektriciteit. Noodgedwongen moest ook bakkerij den bol zich aanpassen.

Remy is evenals zijn vader, Emiel, van 12 jarige leeftijd tot heden (hij is nu 78) steeds trouw lid en bestuurslid van het Houten Muziek geweest. Thans is hij er ere-voorzitter van.

Toen de kinderen elk hun eigen weg waren gegaan ging Remy op rust. Hugo zette het bakkersbedrijf verder. Op 12 mei 1965 huwde hij met Gratienne Segers. Met alle moderne hulpmiddelen brachten zij de bakkerij tot grote bloei. Evenals zijn vader is hij algemeen gekend als 'den bol'. Zijn taarten, taartjes en suikergebak zijn bekend tot ver in de omtrek. Hij is een meester in zijn vak. Op aanraden van vader Remy nam Hugo het besluit om naast zijn moderne bakkerij, terug grootvaderbrood te gaan bakken. Op aanwijzing van zijn vader bouwde hij een oven met bakstenen, die gestookt werd met hout. Remy, die hierin specialist was, droeg de kunst over op zijn zoon. Het is een ware belevenis wanneer bakker Hugo de houtoven aansteekt om het goede brood uit de oude tijd te bakken. Ja, men voelt zich dan teruggevoerd naar het verleden. Het resultaat is volledig, broden op deze wijze gebakken zijn een onvervalste lekkernij. Wij, als heemkundige kring, zijn blij, door ons lid Hugo De Rijcke, de oude tijd te zien herleven. Onze leden zullen zeker niet nalaten dit goede bollensbrood op hun tafel te laten verschijnen, tot groot genoegen van de huisgenoten.

Zo is bakkerij De Rijcke, "den bol", "den bollens", in alle verbuigingen van vader op zoon tot op heden verder gegaan. Mee met de moderne tijd, en trouw aan het verleden.

De opvolging blijft verzekerd: er zijn tot op heden 2 zoons: Johan en Joris, en een dochter Lydia.

Als bewijs dat bakkerij "den bol" zeer oud is, citeren wij hieronder uit onze archieven een oud dagboek van een brouwerij, waarschijnlijk van Moens te St.Anna, waarin is ingeschreven. op 26.7.1881:

Ontvangen van Emiel De Rijcke, Zogge voor geleverd bier

tot op heden .. 125fr

en betaald voor geleverd brood ….125,60 fr

Bij afrekening trok bakker De Rijcke dan toch nog 60 centiemen op !

Aan vader Remy, onze ere-voorzitter, en Hugo, trouw lid van het Houten Muziek en de Heemkundige Kring, wensen wij namens bestuur en leden een goede "Bolle gesegerde vaart" !!

 

Verder waren er te Zogge in het verleden nog gekende bakkerijen, zoals Jozef Teirbroodt (jef den bakkers) en later zijn zoon Alfons. Toen Fons de zaak van zijn vader had overgenomen, bleef men nog steeds spreken van 'tot Jef den bakkers', alhoewel men toen ook al sprak van "Fons 't en bakker".

Er was ook nog bakkerij De Wilde, "tot Fie Bonens" genoemd, naar de naam van de vrouw, Sofie Boon. Deze bakkerij werd later uitgebaat door zoon Binoni De Wilde (den binne) en nog later door diens zoon Robert (Robert van den binnens). Deze 2 zogse bakkerijen zijn thans verdwenen, ook deze waren zeer oud.

Later hierover meer,

Nog een gezegde uit het bakkersbedrijf

"Hij heeft zijn paal door de oven gestoken", wat betekende dat een bakker zijn bedrijf in verval raakte, en failliet ging. Ook voor andere bedrijven dan de bakkerij werd deze uitdrukking gebruikt.

 

Jerome Vercammen.

 


Parochie | Verenigingen | Zogse agenda  | Weetjes | Dialect | Wandelingen en fietsroutes | Heemkunde

    Copyright © 2003 Virtueel Zogge.   Web: Dany. Mail: info@zogge.be