Een artikel, overgenomen uit het tijdschrift "Ons
Dorp". Deze artikels worden gepubliceerd met het akkoord
van de nabestaanden van Dhr. Jerome Vercammen.
De herberg van Tine
Loo
Tot voor een 25 ŕ 30
jaar, waren er te Zogge zeker nog een 25-tal gezellige
herbergen, waar het landelijke met veel plezier en
bier door jong en oud, rijk en arm tot leven kwam.
Maar toch was toen reeds de aftakeling van het
dorpsleven aan gang. De radio, cinema, opkomende
televisie, de auto, en de bemoeienissen van Vader
Staat, die kleine dorpsherbergen en winkeltjes het
vuur aan de schenen legde door allerlei maatregelen en
belastingen. Dit alles wurgde langzaam ons romantische
dorpsleven, zodat er heden maar weinig meer van
overblijft. Meteen is veel oprechte levensvreugde
verloren gegaan, en gaan onze moderne mensen
angstvallig op zoek naar het weinige overgebleven echt
gemeenschapsleven van vroeger...
Wel,
in die goede oude tijd, was er
te Zogge de zeer gekende herberg bij Tine Loo. Het
huis staat er nu nog: Nr 15 aan
de Heirbaan, thans bewoond door Petrus Ydens en zijn
moeder. Het is nu aan burgerwoning, en ernaast is dan
ter vervanging een. nieuwe herberg gebouwd, daar waar
de vroegere stallingen waren, want het was destijds
herberg en boerderij.
De nieuwe herberg is gekend
onder de naam " Paardeslachter", en wordt uitgebaat
door Jackie Verschuren.
De gastvrouw van de
oude herberg was Leontine Quintelier, steeds Tine Loo
genoemd, en als Tine Loo algemeen te Zogge en
omliggende gekend. Velen wisten niet eens haar ware
naam. In haar herberg kwamen elke dag da bierlustige
dorpelingen samen, om er
de "Zeelse ouden", en het zware
bier van die tijd "La Loraine" te drinken. Het ging
er steeds vrolijk aan toe. Bij
het naar huis gaan liep de weg zigzag, en waar nog een
lichtje brandde, werd halt
gehouden (er waren meer dan 25 herbergen),
Enkele jaren vroeger waren ar juist geteld 33
herbergen, en, zegde mijn vader zaliger, (overleden in
1954) die hadden allen meer klanten dan nu.
Ja, zo had Tine Loo ook haar vaste klanten, echte
bierdrinkers, ouderen zullen daar zeker nog meer van
weten. Nu kennen wij de
vermaarde bierfeesten van Wieze, maar in die tijd was
het te Zogge elke dag bierfeest!
Gastvrouw Tine Loo was steeds in de weer, niet fijn
opgetuigd, zoals wij dat nu gewoon zijn, maar in echte
volkskledij: een lange zware rok, en houten klompen,
zodat het heen en weer geloop op de blauwe vloer, met
wit zand bestrooid, klonk als muziek, en de
gezelligheid in de hand werkte Wanneer dan al enige
glazen naar binnen gewerkt waren, gebeurde het dat
menig vrolijk liedje weerklonk. In die tijd kende
elk wel
een liedje, en zo was er geen radio of jukebox nodig.
Onze mensen zongen zelf, maar nu zingt men
'machinaal`, met radio, pick-up, jukebox en noem maar
op.
De enkelen die nu nog zingen, doen het voor het geld.
"Sterren" noemt men ze, en of het mooi is, valt nog af
te wachten !
Maar nu terzake; de
"Amerikaanse club" Elijne Verstappen en haar
echtgenoot Binoni Clemoin (Bonne Kleem), de
schoonbroer van Tine Loo, waren rasechte Zoggenaren
uit de overloopakkers voor de oorlog 14-18. Zij waren
naar Amerika getrokken, zoals velen in die tijd.
Ginder was ze tot een zekere welstand gekomen, en na
de oorlog kwam ze dan terug naar Zogge. In de herberg
van Tine loo had een ontroerend weerzien plaats. Het
weerzien werd gevierd met veel Zeelsen ouden en
Loraines. Elijne nam dan het initiatief tot het
stichten van een Amerikaanse club. Onze Bachusvrienden
waren daar dadelijk mee akkoord, en er werd een
bestuur ingesteld
Ere-voorzitter :
Elena Verstappen
Voorzitter : Leon De Ridder (de maréchal) dorpssmid.
Verder nog t Desiré Vliegers en Achiel Goossens, de
dorpstimmerman. Deze laatste drie vormden zowat een
driemanschap, ja, de Zogse clowns.
Andere leden van het bestuur:
Charles Goessens (den niel), Emiel Boon (den blikken),
en Polidoor Ronsmans, de wagenmaker.
Met dit bestuur was
de Amerikaanse club geboren, en met veel bier gedoopt
en ingewijd. Elena was zeer in haar nopjes met deze
gang var zaken, en stelde voor een groot teerfeest in
te richten, dat zij zou
financieren. Eens de grote dag aangebroken, kwam Elena
voor de proppen met een grote Amerikaanse vlag. Deze
werd aan het lokaal uitgehangen, naast onze Belgische
driekleur.
In de namiddag was
er dan het grote feestmaal, met voor ieder meer dan
genoeg eten, op zijn Amerikaans, en een ton zwaar bier
"La Loraine' Tot 's anderdaags morgens werd er
gevierd, en de Bachusvrienden wisten eigenlijk niet
goed meer of ze Amerikanen waren of Belgen ! Deze
'Amerikaanse club' vierde elk jaar een dergelijk
teerfeest, en telkens wapperde dan de Amerikaanse vlag
aan de herberg van Tine Loo. Tot voor de oorlog van
40-45 hield deze club stand. De bedoeling was om de
gedachte aan tante Elena in Amerika levend te houden,
met feesten en het drinken van Belgisch bier, want al
de leden waren klanten van Tine Loo.
Toen Tine Loo ouder
werd verdween ook deze herberg, om plaats te maken
voor een nieuwe, zoals beschreven. Tine overleed toen
ze 83 was: Met haar en de oude Bachusvrienden.verdween
ook de Amerikaanse club.
Jerome Vercammen.