Zogge - De geschiedenis van de kerk

Naar een boek samengesteld door Cyriel Vercammen:

ZOGGE van verleden tot heden
Home Zogge
Het boek Heden Retro Site map Gastenboek Gazet van Zogge  
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

De bewogen geschiedenis van de kerk van Zogge.

De wijk Zogge, gelegen aan de uiterste westkant van Hamme, was tot in het midden van de achttiende eeuw nog een bijna onbebouwde strook land. Vooral aan de oostzijde, waar zich nu de kerk bevindt. De grote, brede straat, die van het midden van de wijk kerkwaarts leidt, bestond toen niet, er was slechts een straatje van een karrenspoor breed.

Buiten de handel in vlas, bestond de enige bezigheid der inwoners in de landbouw. De mensen leefden hier vaak in erbarmelijke omstandigheden. Het onderwijs werd gegeven door een of ander persoon die enkel kinderen, vooral van begoede ouders, de catechismus leerden en les gaven in het spellen en cijferen. Deze toestand zou een einde nemen bij het bouwen van de kerk waarvan de eerste steen werd gelegd op 23 januari 1849.

De Zoggenaars zijn fier op hun kerk. De pastoors D'Hauwer en Van Driessche mogen tot de weldoeners gerekend worden.

De bisschop van Gent, Monseigneur Delebêque stuurde een brief aan het gemeentebestuur van Hamme waarin hij voorstelde te Zogge een kerk en proosthuis te bouwen. Het werk zou geraamd worden op 46.000 frank. Het gemeenbestuur besliste in zitting van 31 december 1843 als antwoord, dat een kerk op Zogge niet nodig was omdat de helft van de inwoners toch naar de parochiedienst in Hamme zou blijven komen, terwijl zij op het dorp zaken te doen hadden. Bovendien zou in de kerk van Hamme een vijfde mis gecelebreerd worden, ten behoeve van Zogge. Men zei ook niet tussen te komen in de kosten, "daar de gemeente al last genoeg heeft..."

Drie jaar later, in 1846, schreef de arrondissementscommissaris van Dendermonde een brief aan de gemeenteraad om er zijn gevoelens te vragen nopens het voorstel van de bisschop. De Raad besluit met acht/drie stemmen "dat al wat er van den gedanen voorstel van Monseigneur ook mag gebeuren, de gemeente zich onthoudt geene de minste somme bij te dragen in uit dien hoofde te doene bekostiging."

Wellicht dacht het gemeentebestuur dat daarmee de zaak definitief dood en begraven was. Twee jaar verliepen toen plots in 1848 door de inwoners der drie wijken: Zogge, Ekelbeke en Meerstraat het besluit werd genomen om niet te rusten vooraleer de kerk er zou staan!

Aanleiding was dat de jaren veertig een periode was van erge beproeving voor Vlaanderen. In 1845 werden de aardappelen door een ongekende ziekte aangetast en ook de volgende oogsten leverden weinig of niets op. In 1848 verergerde die toestand nog. De graanoogst mislukte en het weinige dat overbleef werd peperduur. Door de uitvinding van het mechanisch weven in Engeland vielen de weefgetouwen en spinnewielen, die duizenden mensen werk verschaften in Vlaanderen, stil. Alsof dat nog niet genoeg was, brak in sommige streken oproer uit. Paus Pius IX moest vluchten. In deze omstandigheden zocht het Staatsbestuur naar middelen om de toestand van het volk te verbeteren. De bouw van kerken en scholen werd aangemoedigd. In die tijd kwam er in Zogge buiten "de Onpartijdige van Dendermonde" geen dagblad. Op zekere dag verscheen daarin een omzendbrief van het Hogere Bestuur, gericht aan de gouverneur, waarin verzocht werd aan te dringen bij de gemeentebesturen om op de afgelegen wijken kerken en scholen te bouwen. Omdat, zo zegde de minister, daar waar deze tot stand komen, gewoonlijk een middelpunt van bedrijvigheid ontstaat. Daardoor komt er dan méér welstand onder de bevolking. Vader Vercauteren, een tijdgenoot van de Patriotten had kennis genomen van het bericht en sprak: "Allee, dit was nu iets voor ons. In mijne jongen tijd, onder den ouden keizer, was hier spraak van eene kerk te bouwen maar dan kwamen de Fransen en die braken de kerken af. Zo viel ons ontwerp in duigen". Moeder Vercauteren (Theresia Van Vossele) nam het dagblad op en ging er mee bij Louis De Smet en François Van Driessche, leden van de gemeenteraad van Hamme. Een derde persoon heeft ook zijn steentje bijgedragen om de bouw van de kerk van Zogge te bekomen; dit was schoolmeester Jan-Baptist Vanden Eede. Hij werd belast met de veelvuldige briefwisseling met de overheden. Hij begaf zich ook naar de gouverneur, de Bisschop en de Deken, om hun medewerking te bekomen om zodoende de gemeenteraad over te halen hun geldelijke tussenkomst te verlenen. De man was arm, zó arm dat hij om "ordentelijk voor de dag te komen" zelfs een frak en laarzen moest lenen.

Enkele dagen nadat de heren De Smet en Van Driessche kennis hadden genomen van de inhoud van de bewuste omzendbrief, werd Casimier Fierens bij meester Vanden Eede geroepen om een brief te schrijven naar Mgr. Delebêque om zijn hulp in te roepen voor het bouwen van een kerk te Hamme-Zogge.

Reeds enkele dagen daarna kwam er uit het bisdom een antwoord met volgende inhoud: "Monseigneur keurt ten volle het ontwerp goed en zijn medewerking zal niet ontbreken maar eerst en vooral moeten de inwoners der drij wijken hunne vraag doen aan den gemeenteraad om een hulpgeld te bekomen en zoo dit wordt toegestaan is de tussenkomst van provincie en staat verzekerd."

Onmiddellijk werden de inwoners van Zogge, Meerstraat en Ekelbeke bijeen geroepen in vergadering. Er werd besloten om een verzoekschrift te richten aan de gemeenteraad van Hamme met de vraag om geldelijke steun bij de bouw van een kerk. De brief werd ondertekend door een groot aantal inwoners van de drie wijken. Het verzoekschrift werd afgewezen en de teleurstelling sloeg om in verbittering. Men zou dit ongenoegen duidelijk stellen tijdens een bepaalde stoet in Hamme. Er werd een kerk getimmerd op een wagen, met als opschrift: "Verworven kerk voor dorpelings intrest". Op de houten kerk had men een papieren toren gemaakt.

Men trok ermee naar het dorp van Hamme waar de gemeenteraad vanop het balkon van het gemeentehuis de stoet gadesloeg. Raadsheer Van Driessche die naast de burgemeester stond, liet zich ontvallen: "Toekomend jaar kunt gij naar onze stenen kerk komen kijken". De man sprak de waarheid want een jaar later stond het papieren torentje van de wagen op de nieuw gebouwde kerk. Het heeft er op gestaan tot regen en wind het hebben doen verdwijnen. Die betoging had als gevolg dat de bewoners der drie wijken met nog méér geestdrift gingen samenwerken. De papieren kerk moest een stenen kerk worden, op eigen kosten dan maar!

Het Hamse gemeentebestuur maakte de mensen bang, zeggende dat zij zich zouden ruïneren. Ook de pastoor was tegen de onderneming en ging van huis tot huis om elkeen het ontwerp af te raden. Niets kon echter de bevolking tegenhouden en weldra werd er een inschrijving rondgedragen. Van verschillende begoede mensen kwamen inschrijvingen binnen van duizend frank, anderen voor kleinere sommen. Zelfs de arme mensen droegen hun steentje bij door te helpen als metserdiender. Emmanuel Van Driessche, pastoor van de O.L.-Vrouwparochie te Sint-Niklaas, was fel begaan met de plannen van de nieuwe kerk.

Op 26 januari 1849 werd dan ook de eerste steen gelegd. Vóór het zover was, waren er heel wat problemen over de plaats waar de kerk nu precies moest komen. De bewoners van de Meerstraat wilden dat de kerk zou gebouwd worden op gelijke afstand van iedere wijk. Dit scheen bijna onmogelijk daar men de kerk dan zou moeten bouwen midden in 't veld. De vijandig gezinde overheden maakten van die verdeeldheid misbruik om de bouw tegen te werken. Eindelijk was het dan zover en de boeren haalden karrenvrachten steen. Vrouwen en kinderen hielpen mee. Er werd hard gewerkt en het voedsel was schaars. Er was zelfs halve kost voorzien voor een aantal mensen op de dagen dat zij aan de kerk werkten! Ten huize van Louis De Smet waar wekelijks grote vlasleveringen plaats hadden, stond een offerblok waarop stond: "Geef toch ook iets voor onze kerk!"

Toen de kerkmuren één meter boven de grond stonden, kwam er een verbod van de gemeentelijke overheid; het bouwen moest worden stopgezet. De precieze oorzaak kon niet worden achterhaald maar in elk geval, het werk werd gestaakt! Pastoor Van Driessche van Sint-Niklaas werd verwittigd en kwam ter plaatse. Omringd door honderden inwoners sprak: "Wat kunnen we beginnen met dit onvoltooid werk! Het ware misschien beter, nu de moortel nog slap is, de muren seffens af te breken."

Een groot ongenoegen steeg op uit de menigte. Niemand wilde met de afbraak beginnen. Pastoor Van Driessche, die graag schertste, sprak nog luider: "Breek af, zeg ik u, de kerk is te klein en bij elken nieuwen omweg, zullen wij ze een pilaar verlengen, zoo zullen wij een kerk krijgen, zoo groot als Sint-Baafs!"

De werken gingen verder en toen de gouverneur een bezoek bracht aan Waasmunster, vroeg men hem om naar de kerk te komen kijken. Hij was zeer enthousiast en zou aandringen bij de gemeenteraad om hun medehulp te willen verlenen. Hij raadde de mensen aan om nogmaals een verzoekschrift in te dienen.

Opnieuw werd dit verzoek verworpen met acht stemmen tegen één en twee onthoudingen. Alleen de heer J.B. De Kepper stemde vóór. De heren De Smet en Van Driessche mochten niet meestemmen!! Proces verbaal van de zitting zegt: "Deze twee laatste zijn in de termen bevindende van art. 68 der gemeentewet, als in voorhandige zaak een directe intrest hebbende." Geen genade dus voor de Zoggenaren.

Een smartelijk ongeluk trof de Zoggenaar Van Kerckhove (bijgenaamd "zandkerre"). Hij viel van de kruin van het dak en bleef op slag dood. Intussen stonden de werken al fel gevorderd en op 23 september 1849 werd de eerste maal de H. Mis in de nieuwe kerk opgedragen. Deze plechtigheid was indrukwekkend, er werden vele tranen gestort van aandoening, tranen van vreugde en oprecht geluk voor de voltooiing van hunne kerk. Het werd die dag een feestelijke gebeurtenis. Het kanon bulderde onophoudelijk, aan alle huizen wapperden vlaggen, al waren het dan witte lakens met gouden sterren beplakt.

Na zoveel problemen, moeilijkheden en tegenwerkingen is het normaal dat de Zoggenaren zoveel van hun kerk houden. Onze kerk, steen voor steen gebouwd in het zweet des aanschijns...

Wij zijn daarom onze voorouders oprechte dank verschuldigd!

Bron: Kroniek van de kerk van Hamme-Zogge, door Meester C. Fierens (1837-1909) en samengesteld door Karel De Cock


Parochie | Verenigingen | Zogse agenda  | Weetjes | Dialect | Wandelingen en fietsroutes | Heemkunde

    Copyright © 2003 Virtueel Zogge.   Web: Dany. Mail: info@zogge.be